Armeense genocide? Ach, shit happens

Foto: Publiek domein

Op 24 april zou in de Vrije Universiteit Amsterdam (VU) een debat plaatsvinden over de Armeense genocide. Op die dag wordt herdacht dat de genocide precies honderd jaar geleden in gang werd gezet met de moord op honderden Armeense intellectuelen. Tenminste de VU scheen in de veronderstelling te zijn dat er een debat zou plaatsvinden en dat daarvoor door de Turkse studentenvereniging SV Anatolia twee mensen zouden worden uitgenodigd: de Amerikaanse professor Justin McCarthy en de Leidse hoogleraar Erik-Jan Zürcher. De eerste is van mening dat er helemaal geen genocide heeft plaatsgevonden; de laatste heeft een andere mening.
Nu blijkt echter dat SV Anatolia helemaal nooit het plan heeft gehad om over dit gevoelige onderwerp een debat te gaan organiseren. De vereniging was alleen maar geïnteresseerd in de visie van de heer McCarthy en had om die reden (alleen) hem uitgenodigd voor het geven van een lezing. Waarmee het standpunt van de Turkse studentenvereniging in deze (Armeense) kwestie ook meteen duidelijk is. Heel jammer, want juist van studenten mag je toch een open, zelfkritische, nieuwsgierige houding verwachten waarmee je bijvoorbeeld door middel van een debat de kans op het achterhalen van de (objectieve) waarheid vergroot.
Ook de paus kwam afgelopen week in het nieuws met een uitspraak over de Armeense genocide. Net als de Turkse president Erdogan die liet weten dat Armenië moet stoppen met die beschuldigingen over de “zogenaamde” genocide.

Respect voor paus

Hele kritische columns heb ik geschreven over de paus en de katholieke kerk en daar ga ik nog wel even mee door. En zeker zo lang als we met een instituut te maken hebben waarmee vergeleken de FIFA een jonge frisse, vooruitstrevende organisatie lijkt. Toch blijf ik ook het uitgangspunt hanteren dat wie kritiek geeft, ook van zich moet laten horen als er iets positiefs te melden valt. Zo had de paus vorige week de moed om tijdens een mis ter nagedachtenis aan de massamoord op de Armeniërs in het Ottomaanse Rijk (het huidige Turkije) van tijdens de Eerste Wereldoorlog dit drama te omschrijven als de eerste genocide van de twintigste eeuw. “Het verbergen of ontkennen van kwaad is alsof je een wond laat bloeden zonder haar te genezen.” Prachtige woorden van de paus, al moet ik daarbij natuurlijk wel meteen denken aan al die misbruikte kinderen die door de katholieke kerk jarenlang met de mantel der liefde zijn bedekt (om het maar wat ongelukkig te formuleren). Laat ik zeggen dat de katholieke kerk zelf ook altijd iets met doofpotten heeft gehad. Over ontkennen van het kwaad gesproken…

Schrijnend gebrek aan zelfkritiek

Turkije reageerde furieus op de uitlatingen van de paus en riep prompt zijn ambassadeur bij het Vaticaan terug voor spoedoverleg. Zoals zo vaak draait het ook bij deze reactie weer om een van de meest voorkomende irritante eigenschappen bij de mens: een schrijnend gebrek aan zelfkritiek en een pijnlijk onvermogen om gemaakte fouten te kunnen toegeven. Al dekt het woord “fouten” natuurlijk bij lange na de lading niet als je weet dat we hier praten over de moord op naar schatting rond de miljoen (!) Armeense mannen, vrouwen en kinderen. De Turken spreken liever over “de Armeense kwestie”. Net als dat de Nederlandse regering de tijdens de Indonesische Onafhankelijksoorlog (1945-1949) begane oorlogsmisdaden tot op de dag van vandaag liever omschrijft als “politionele acties”. Nee, ook wij Hollanders blinken bepaald niet uit in een open, zelfkritische kijk op onze geschiedenis. Denk daarbij bijvoorbeeld ook maar eens aan Srebrenica.

Vervelende cognitieve dissonantiegevoelens

Doden die vallen tijdens oorlogen en conflicten en daaruit voortvloeiende hongersnoden en andere ontberingen, daar kunnen wij mensen prima mee leven (excusez le mot). Want daar zijn twee partijen bij betrokken en waar twee vechten, hebben twee schuld, nietwaar? Maar ervoor uitkomen dat “wij” of onze (verre) voorouders los van onze vijanden échte (oorlogs) misdaden hebben begaan door moedwillig mannen, vrouwen en kinderen te martelen, verkrachten en/of vermoorden, is toch hele andere koek. Dat ligt een stuk gevoeliger en bezorgt ons van die vervelende cognitieve dissonantie- en schaamtegevoelens waarvoor we inmiddels echter gelukkig een perfecte manier hebben gevonden om er weer even snel vanaf te komen: bagatelliseer en ontken onmiddellijk alle geleverde feiten.

Angst voor compensatieclaims

Behalve uit gevoelens van schaamte is er natuurlijk een wellicht nog belangrijkere, politieke en juridische reden om misdaden en genocides koste wat het kost te blijven ontkennen: de angst voor compensatieclaims. Officieel erkennen dat er een genocide heeft plaatsgevonden, is wachten op compensatieclaims van nabestaanden en dat kan zeker bij rond de miljoen slachtoffers al snel oplopen tot bedragen waar geen enkele overheid op zit te wachten.

De Armeense kwestie-variant

Dit alles verklaart waarom Turkije voor de Armeense kwestie-variant heeft gekozen voor haar eigen interpretatie van de gebeurtenissen: de verhalen over een zogenaamde genocide kloppen niet en zijn sterk overdreven, aangezien het hier gewoon ging om een uit de hand gelopen conflict met de Armeniërs wat helaas leidde tot een burgeroorlog met vele slachtoffers aan beide kanten.  Ach, shit happens zullen we maar zeggen.

Feiten

Zoals altijd beperk ik me liever tot de feiten: in 1913 greep een extremistisch Jong-Turks triumviraat (driemanschap) de macht. De machthebbers waren vooral na het verlies van de Balkanoorlogen (1912-1913) en de zeer gecompliceerde situatie daarna door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog zeer nationalistisch geworden waardoor ze een panturkische₁ samenleving nastreefden waarin zij geen plaats meer zagen voor niet-Turkse volkeren.₂  Na de moord op 24 april 1915 op vele honderden Armeense intellectuelen zonder enige vorm van proces gingen de politieke machthebbers over op het massaal deporteren van de Armeense bevolking richting gecreëerde concentratiekampen aan de huidige Iraakse en Syrische grenzen. De massale deportatie ging gepaard met uithongering, uitputting, zware mishandelingen, verkrachtingen, verbrandingen, verdrinkingen, onthoofdingen, ophangingen en executies waardoor slechts weinigen van de Armeniërs overleefden.₃ Gebeurtenissen waarvan behalve van overlevenden ook van diverse in het Ottomaanse Rijk aanwezige Duitse militairen en diplomaten (toenmalige bondgenoten) getuigenverklaringen zijn.₄

Genocide of geen genocide, that’s the question

Genocide of geen genocide, that’s the question. Als we kijken naar de in het verdrag inzake voorkoming en bestraffing van genocide gehanteerde definitie zoals die in 1948 door de Verenigde Naties is aangenomen₅, valt of staat het antwoord op deze vraag met de wijze waarop de passage “gepleegd met een bedoeling” wordt geïnterpreteerd. Volstaat voor de conclusie dat de misdaden gepleegd zijn met een bedoeling de vaststelling dat die bedoeling wel blijkt uit wat er historisch is gebeurd of moet die bedoeling ergens zwart op wit zijn vastgelegd? Van welke interpretatie Turkije uitgaat, mag duidelijk zijn. Omdat er tot op heden geen officiële documenten zijn aangetroffen waarop staat dat de Ottomaanse machthebbers het plan hadden om alle Armeniërs uit te roeien, zal Turkije nooit akkoord gaan met het woord “genocide”.₆

In en in triest

Persoonlijk vind ik de vraag of wat er gebeurd is nou wel of niet een genocide mag worden genoemd eerlijk gezegd totaal irrelevant. Al begrijp ik maar al te goed dat juristen daar anders over zullen denken. Kijkend naar de feiten kan niemand er omheen dat er destijds door de Ottomanen honderdduizenden Armeniërs moedwillig en doelbewust op een vreselijke manier zijn omgebracht omdat men – om welke reden dan ook – blijkbaar iets tegen hen had (netjes gezegd). Dat de wereld vervolgens een eeuwlang gaat discussiëren over de vraag of dit nou wel of niet een genocide mag worden genoemd, vind ik in en in triest en vooral respectloos naar alle slachtoffers en nabestaanden. Het heeft natuurlijk ook iets absurds: op een moment dat je als groep bezig bent om een andere bevolkingsgroep uit te roeien (= genocide) zonder dat je het van tevoren zwart op wit hebt aangekondigd, heet het opeens geen uitroeien/genocide meer. Mmm, apart.

De kernvraag: verantwoordelijk, ja of nee?

Waar het wat mij betreft in deze discussie helemaal niet om gaat, is de vraag of de Turken/Ottomanen verantwoordelijk zijn voor de dood en moord van/op rond de miljoen Armeense mannen, vrouwen en kinderen omdat de overheid officieel opdracht heeft gegeven tot het uitroeien van deze bevolkingsgroep. De kernvraag is korter en simpeler: zijn ze hiervoor verantwoordelijk, ja of nee? Een (retorische) vraag die ook voor de Turken niet zo moeilijk te beantwoorden zal zijn. Wat vervolgens rest is de vraag hoe je met de verantwoordelijkheid moet omgaan voor iets wat (verre) voorouders ooit hebben misdaan. Accepteren, namens je (verre) voorouders excuses aanbieden en de dialoog open aangaan met nabestaanden over hoe we met z’n allen om moeten gaan met deze tragedie lijkt mij het meest voor hand liggend.

Wie het kwaad ontkent, ontketent het juist

Ik zeg het niet vaak, maar de paus had helemaal gelijk. Als je het kwaad ontkent of verbergt, laat je een wond bloeden zonder het de kans te geven om te genezen. Zelf zou ik het nog iets stelliger willen formuleren: wie het kwaad ontkent, ontketent het juist. Het bagatelliseren en ontkennen van de volkerenmoord op de Armeense bevolking of dit menselijk drama weten te reduceren tot het belachelijke niveau van een discussie over de betekenis van het woord “genocide” is totaal respectloos naar alle omgekomen Armeense mannen, vrouwen en kinderen, de overlevenden en hun nabestaanden. Je kunt moord omschrijven als een onfortuinlijk moment van verstandsverbijstering of verlies van zelfbeheersing of hoe dan ook; het blijft gewoon moord.

Yes, we may make mistakes but we never regret

Misschien vat een van de drie toenmalige machthebbers, Talaat Pasja, de Turkse houding sinds 1915 over de Armeense genocide wel het best samen. Toen de Amerikaanse ambassadeur in Istanboel Henry Morgenthau bij hem protest aantekende tegen de deportatie van de Armeense bevolking en hem ervan probeerde te overtuigen dat hij daarmee een grote fout beging, antwoordde Pasja: “Yes, we may make mistakes, but we never regret.”

Tonko

Wil je reageren op deze column? Laat hieronder uw reactie achter. Interesse in andere columns van Tonko? Lees zijn weblog.

 

Noten
₁ Pan-Turkisme is het streven naar de eenheid van de Turkse volkeren
₂ Naast de Armeense slachtoffers vielen er ook nog honderdduizenden doden te betreuren onder Assyriërs en orthodoxe Grieken.
₃ Voor haar dood in 1983 overhandigde Hayriye Talat Brafali, de weduwe van Talat Pasha (een van de toenmalige drie machthebbers), officiële documenten uit de tijd van het toenmalig Ottomaanse Rijk aan de Turkse journalist Murat Bardakçi. In de documenten zijn onder andere bevolkingsstatistieken te vinden waaruit blijkt dat er net voor 1915 1.256.000 Armeniërs in het Ottomaanse Rijk leefden en twee jaar later in 1917 nog maar 284.157. Een verschil van bijna een miljoen.
₄ Zie bijvoorbeeld: http://www.shlama.be/shlama/content/view/228/200/
₅ In dit verdrag wordt onder een genocide verstaan: “Een van de volgende handelingen, gepleegd met de bedoeling om een nationale, etnische, godsdienstige groep, dan wel een groep, behorende tot een bepaald ras, geheel of gedeeltelijk als zodanig te vernietigen: (a) het doden van leden van de groep; (b) het toebrengen van ernstig lichamelijk of geestelijk letsel aan leden van de groep; (c) het opzettelijk aan de groep opleggen van levensvoorwaarden die gericht zijn op haar gehele of gedeeltelijke lichamelijke vernietiging; (d) het nemen van maatregelen, bedoeld om geboorten binnen de groep te voorkomen; (e) het gewelddadig overbrengen van kinderen van de groep naar een andere groep.”
₆ Over het Duitse plan om de joden in de Tweede Wereldoorlog uit te roeien bestaan bijvoorbeeld wel diverse officiële documenten.

Reacties

X

Meld je nu aan voor onze nieuwsbrief
Aanmelden